TWACCREDO                        
(TWAC-Nieuws mei 1996 nr 3, Alphons Dickmann)                  
                           
Onderstaand verslag is van de hand van Alphons Dickmann en betreft de Pijlenrit van 16 maart 1996.    
     
Bijzonder sterk vertegenwoordigd, althans in kwantiteit (7 equipes), kwam de TWAC aan de start voor de 48e Pijlenrit in de gezellige zaal van herberg
De Kleine Haar' in de omgeving van Gorssel. Een toch wel respectabel aantal coryfeeën werd thuisgelaten. Ik noem maar even Beltman-Beltman,
Bruins-Nijmeijer, Heimerink-Kolhoop, De Vries-Jansen etc.. Evenwel niet getreurd, dan maar je best doen met de tweede garnituur.  
Willemien Meijer en meester Wim Wegdam kwamen vrij laat binnen. Wat bleek, de Golf van Willemien had een lekkende radiator die volgens Ir. Johan
Douwenga nog wel met een stuk kauwgom te stoppen was geweest (immer sterk in onlogische oplossingen). Daarom waren ze aangewezen op de
Volvo van Wim. Maar helaas, daarin ontbrak een tien-meterteller, plus dat Wim ons liet weten dat hij alle afstanden op de 100-meterteller met 10 %
moest corrigeren alvorens ze aan Willemien door te geven. Een dubbele handicap dus. Ik wil er trouwens nog wel een derde aan toevoegen. Wellicht
bent u die witte Volvo ook tegengekomen. Nou, toen mij dat de eerste keer overkwam bekroop mij het angstige gevoel een auto zonder chauffeur te
zien rijden. Op korte afstand genaderd meende ik Wim boven het dashboard te herkennen, maar van Willemien achter het stuur ... geen spoor. Ik
veronderstel dat Wim ook aanwijzingen heeft gegeven ten aanzien van remmen, sturen en gas geven. Meesterlijk gedaan, mede gezien de puike
eindklassering!    
     
Enfin, onze tweede garnituur moest aan de bak voor een Pijlenrit, uitgezet door de broers Henk en Jaap Jongman, waarbij op gekleurde wegen (primair
geel rijden, vervolgens rood en daarna wit) de kortste route van pijl naar pijl moest worden gereden en bij herconstructie de voet van de betreffende pijl,
met inachtname van het gebruik van de gekleurde wegen, via de kortste route moest worden aangedaan. En dat leidde af en toe tot meten, maar
hoofdzakelijk kwam het neer op het zoeken naar routes die de equipes via de opeenvolgende gekleurde wegen naar de voet van de pijl brachten. Een
fraai voorbeeld daarvan was de route van pijl 1 naar pijl 2: 8 keercontroles maar liefst, maar als je dan de goede reeks hebt stemt dat zeker tevreden.
     
Een vermijdbare fout maakten we tussen de pijlen 5 en 6. De verlegde weg werd geconstateerd waarna we naarstig op zoek gingen naar keercontroles
daar waar de niet op de kaart staande weg de kaartweg kruiste. En de mogelijkheden waren zo mooi (uitgeholde bomen!). Dat we vervolgens controle 7
pakten, waarbij de kennis aanwezig was dat je deels niet-kaartweg zou gaan rijden, leverde ons 30 strafpunten op.    
Zodra een 'DMP ...' opdook was het uitkijken geblazen. Alle pijlen vervielen tot het bereiken van de voet van de aan de beurt zijnde pijl en de  
onderliggende wegen dienden als oranje te worden beschouwd. Consequentie in veel gevallen: het ontstaan van lange omrijroutes waarbij minder rood
of wit zou kunnen worden bereden. Of zoals de voet van pijl 3 in manche 2 het snelst bereikt kon worden: eerst pijl 3 tegengesteld rijden, daarachter een
lusje draaien om vervolgens de voet te bereiken.    
     
Na VTC I gingen we van 15 naar 16 heerlijk de mist in ten aanzien van het bepalen van het kortste rood. Absoluut niet gezien dat rechtstreeks naar pijl
16 het minste rood opleverde. Daar ben je niet op gefixeerd (wij tenminste niet) en derhalve was achteraf een 'vudomme' op z'n Twents wel op z'n
plaats.    
     
Pauze, tijd voor een broodje shoarma plus een glas melk. Naast mij zit een chagrijnige Twaccer die schijnbaar z'n dag niet heeft. Negen fouten in het
eerste deel van manche 1! Aloys baalt als een stekker. Zijn roodaangelopen hoofd doet mij ertoe neigen niet al te veel aandacht aan hem te besteden.
Even later komt een andere fanaat aanschuiven, die het schijnbaar wèl goed heeft gedaan. Maar ja, wat wil je, hij staat bij de TWAC bekend als Doctor
in de kaartleeswetenschap, gepromoveerd op zijn eigen specialisatie: 'spoken'. Bij deze wil ik lezer tevens in kennis stellen van een heuse lunchattractie,
immer te bewonderen wanneer Dr. H.J.P. Hulsman zijn bestelde brood met 'niet doorgestoken' eieren pleegt te verorberen. Tot heden waren enkel wij
Twaccers daarvan getuige, maar ik nodig u uit een volgende keer dit precaire schouwspel van 'lukt 't hem of lukt het hem niet' van dichtbij gade te
slaan. En wat dan lukt of niet lukt laat ik in het midden, maar de nodige hilariteit brengt het steevast met zich mee.    
     
Manche 2 voerde ons onder meer richting Hengelo Gelderland en dat doet ons altijd plezier want daar liggen onze 'roots'. Helaas maar wel begrijpelijk
kwamen we niet binnen de bebouwde kom.    
In de buurt van Veldwijk tussen de pijlen 2 en 3 een weg die niet meer aanwezig was en waar je uiteindelijk even verderop bij einde weg een niet op de
kaart staande weg bereikte. Hoe te interpreteren om de goede voortzetting te vinden. Wel, het heeft enige tijd gekost om te concluderen dat er sprake
was van een doorsteekje naar links. Vervolg is dat een witte weg wordt bereikt waarbij linksaf korter wit gaf dan rechtsaf. Onze troost was dat we
zeker niet de enigen waren die daar rondprutsten.    
     
Op weg naar pijl 6 en een gele weg rijdend naderen we einde weg. Keuze tussen links rood en rechts rood. Rood links korter. Vlak voor einde weg (de
weg splitst zich in een linker en een rechter deel, geen van beide is een kaartweg) een dwangpijl naar links. Einde weg bereikt en linksaf geslagen. Fout!
Terwijl we toch weten dat dwangpijlen, gewijzigde wegaansluitingen en wegverleggingen aan het einde van de weg (de fraaie 'Q NAG' op weg naar pijl
19A in manche 1) immer kunnen leiden tot het terugrijden via de kaartsamenkomst van wegen. In bovenstaand geval rechtsaf, kaartsamenkomst niet
aanwezig, maar via nieuwe aansluiting binnen 75 meter weer terug de gele weg op.    
     
Al met al hebben we volop genoten van de 48e Pijlenrit, prima uitgezet door de gebroeders Jongman en waarvan de organisatie in handen was van een
geölied team Ellerijders. Mensen, bedankt.    
     
De finish. Afwachten, niet zozeer voor ons, maar wel degelijk voor het op de eerste plaats staande Twac-koppel. Equipes op de loer. Jazeker, Fröberg-
Nieuwenhuis en zoals Rinus Olierook het zei 'good-old' Pouwel Luning met zoon Roald. Zenuwachtig drentelt hij rond door de zaal, onzeker als hij is.
Dan zit hij weer eens hier, dan weer daar. Harrie's geduld wordt op de proef gesteld. Maar uiteindelijk, als de uitslag definitief is, blijkt de equipe
Douwenga-Hulsman afgetekend op de eerste plaats te staan. Een welverdiende felicitatie is daarom op z'n plaats. Maar ook de klassering van een
aantal overige Twaccers bracht ons ongekende weelde: 2, 4 en 5 in de A-Klasse. Voorts nog een vijfde plek in de B-Klasse en een zesde in de
C-Klasse.    
     
O ja, en een 'zestiende' plaats voor die man met dat rood aangelopen hoofd. En nu staat me ook weer duidelijk voor de geest wat ik 's morgens vroeg al
bij hem miste en dat hem doorgaans zo siert. Dat aureool, Aloys ... die extra bijstand!